Naar de inhoud
JouwAutogadget.nl

Koopgids

USB-C-autolader kiezen: watt, Power Delivery en PPS uitgelegd

Hoeveel watt heb je nodig, wat is Power Delivery en wanneer is PPS belangrijk? Zo kies je een USB-C-autolader en kabel die passen bij je telefoon, tablet of laptop.

Door Redactie JouwAutogadget · Gepubliceerd 20 oktober 2026

Smartphone wordt opgeladen in het interieur van een auto

Foto: Sinitta Leunen via Unsplash

Een autolader lijkt een simpel ding: stekker in de 12V-aansluiting, kabel erin, klaar. Toch laadt de ene lader je telefoon snel op, terwijl een andere nauwelijks bijhoudt wat de navigatie verbruikt. En wil je onderweg een laptop opladen, dan werkt het soms helemaal niet. Het verschil zit in begrippen als watt, Power Delivery, PPS en de kabel die je gebruikt. In deze gids leggen we ze in gewone taal uit, zodat je een lader kiest die past bij jouw apparaten.

Watt, volt en ampère in het kort

Het vermogen van een lader wordt uitgedrukt in watt (W). Dat is de spanning (volt, V) maal de stroom (ampère, A). Een lader die 20 volt levert bij 3 ampère, geeft dus 60 watt. Hoe meer watt, hoe sneller een apparaat kan laden, maar alleen als dat apparaat dat vermogen ook kan en wil gebruiken.

Belangrijk om te weten: je telefoon of laptop bepaalt zelf hoeveel stroom hij vraagt. Een lader met meer watt dan nodig is daarom geen probleem, zolang lader en apparaat dezelfde laadstandaard gebruiken. Een lader met te weinig watt laadt traag, of houdt een zwaar apparaat zoals een laptop niet bij.

Wat is USB Power Delivery?

USB Power Delivery (USB PD) is de laadstandaard van het USB Implementers Forum (USB-IF), de organisatie achter USB. Bij Power Delivery spreken lader en apparaat eerst af welke spanning en stroom ze gebruiken. Pas daarna gaat de lader hoger dan de standaard 5 volt. Gangbare vaste spanningen zijn 5, 9, 15 en 20 volt.

Lange tijd was het maximum van Power Delivery 100 watt: 20 volt bij 5 ampère. Sinds versie 3.1 van de standaard kan het tot 240 watt, met extra spanningen van 28, 36 en 48 volt. In een auto kom je zulke hoge vermogens niet vaak tegen, maar het laat zien hoe breed de standaard is.

In de praktijk gebruik je Power Delivery via een USB-C-poort. Zoek je een lader voor een moderne telefoon, tablet of laptop, dan is een USB-C-poort met Power Delivery daarom de logische keuze.

Wat is PPS en wie heeft het nodig?

PPS staat voor Programmable Power Supply. Het is een optionele functie binnen USB Power Delivery. Met PPS werkt een lader niet alleen met vaste stappen zoals 9 of 15 volt, maar kan het apparaat de spanning en stroom in heel kleine stapjes bijstellen terwijl het laadt.

Het voordeel: de lader levert precies wat de accu op dat moment nodig heeft. Daardoor hoeft de telefoon minder spanning om te zetten en ontstaat er minder warmte. Sommige telefoons gebruiken PPS voor hun snelste laadstand. Zonder PPS laden die toestellen vaak nog steeds, maar langzamer.

Of jouw telefoon PPS gebruikt, staat in de specificaties van de fabrikant. Ondersteunt je telefoon het, kies dan een lader waarbij PPS uitdrukkelijk wordt vermeld. Staat het er niet bij, ga er dan niet van uit dat de lader het kan.

Hoeveel watt heb je nodig?

Er is geen getal dat voor iedereen klopt, maar je kunt het zo uitzoeken:

  • Telefoon: kijk in de specificaties van je telefoon hoeveel watt hij maximaal via een kabel kan laden, en of hij Power Delivery of PPS gebruikt.
  • Tablet: ook hier staat het maximale laadvermogen in de specificaties. Tablets vragen vaak meer dan telefoons.
  • Laptop: kijk op de originele adapter van je laptop. Daar staat op hoeveel watt hij levert. Laptopfabrikanten adviseren een lader die minstens dat vermogen haalt. Met minder watt kan de laptop wel laden, maar langzaam, en bij zwaar gebruik loopt de accu soms toch terug.
  • Meerdere apparaten: tel de vermogens op die je tegelijk wilt gebruiken.

Let bij laders met meerdere poorten goed op de specificaties. Het totale vermogen wordt vaak verdeeld over de poorten. Een lader met een hoog totaalvermogen levert dan niet per se dat vermogen op één poort als er ook iets anders is aangesloten. Fabrikanten geven meestal per poort aan wat die levert, alleen en in combinatie.

De kabel is net zo belangrijk

Een snelle lader met een verkeerde kabel laadt alsnog langzaam. Bij USB-C-kabels zijn er grofweg twee klassen als het om vermogen gaat:

  • Kabels tot 3 ampère. Bij 20 volt is dat maximaal 60 watt. Voor telefoons en de meeste tablets is dat ruim voldoende.
  • Kabels voor 5 ampère. Die zijn nodig als je meer dan 60 watt wilt gebruiken, bijvoorbeeld voor een laptop die veel vermogen vraagt. Zulke kabels hebben een klein chipje in de stekker, een zogeheten e-marker. Daarmee vertelt de kabel aan lader en apparaat dat hij de hogere stroom aankan. Zonder die chip blijft het vermogen beperkt.

Kabels die door het USB-IF zijn gecertificeerd, dragen een logo met het vermogen: 60W of 240W. Een kabel met een 240W-logo kan ook prima met lagere vermogens werken. Twijfel je over een kabel zonder logo, kijk dan in de specificaties van de fabrikant hoeveel ampère of watt hij aankan.

Let ook op de lengte. Een lange kabel is handig voor passagiers achterin, maar leid hem zo dat hij niet bij de pedalen, het stuur of de versnellingspook kan komen.

De 12V-aansluiting in je auto

De lader krijgt zijn stroom uit de 12V-aansluiting, de vroegere sigarettenaansteker. Die aansluiting heeft een maximum dat per auto verschilt. Hoeveel vermogen je auto via die aansluiting kan leveren, staat in de handleiding. Wil je een krachtige lader gebruiken, zeker voor een laptop, controleer dat dan eerst.

Nog een paar dingen om op te letten:

  • Stroom met de motor uit: bij sommige auto's blijft de 12V-aansluiting onder stroom als de auto uit staat. Laat dan geen apparaten aangesloten staan als je de auto lang laat staan, om je accu te sparen.
  • Pasvorm: een lader moet goed vastzitten in de aansluiting. Een lader die los zit, kan het contact verliezen en het laden onderbreken.
  • Warmte: laders worden warm bij een hoog vermogen. Dek de lader niet af en laat er geen spullen tegenaan liggen.
  • Ingebouwde USB-poorten: veel auto's hebben eigen USB-poorten. Die leveren vaak minder vermogen dan een losse lader. Wat ze kunnen, staat in de handleiding.

Veiligheid en kwaliteit

Kies een lader van een fabrikant die duidelijke specificaties geeft: het vermogen per poort, de ondersteunde standaarden (Power Delivery, eventueel PPS) en het ingangsbereik. Een CE-markering hoort erop te staan voor verkoop in de Europese Unie. Wees voorzichtig met laders zonder duidelijke informatie of met vermogens die niet logisch zijn ten opzichte van de grootte.

Gebruik je een draadloze CarPlay- of Android Auto-adapter, dan laadt je telefoon niet via die USB-poort. Een losse lader is dan extra handig. Lees meer in Draadloze CarPlay-adapter: zo werkt het. Laad je via een houder met draadloos laden, kijk dan in Telefoonhouder voor in de auto kiezen welke voeding die nodig heeft.

Checklist voor je keuze

  • Heeft de lader een USB-C-poort met Power Delivery?
  • Gebruikt je telefoon PPS, en wordt PPS bij de lader uitdrukkelijk genoemd?
  • Is het vermogen per poort genoeg voor je zwaarste apparaat?
  • Hoe wordt het vermogen verdeeld als je meerdere apparaten tegelijk laadt?
  • Past je kabel bij het vermogen: tot 60 watt een 3A-kabel, daarboven een 5A-kabel met e-marker?
  • Kan de 12V-aansluiting van je auto het gevraagde vermogen leveren?

Bekijk ook ons overzicht van opladers en kabels.

Kort samengevat

  • Watt is volt maal ampère. Je apparaat bepaalt zelf hoeveel het vraagt; meer watt in de lader is geen probleem.
  • USB Power Delivery is de standaard laadmethode via USB-C, tot 100 watt en in nieuwere versies tot 240 watt.
  • PPS stelt de spanning fijn bij en zorgt bij sommige telefoons voor de snelste laadstand.
  • Voor meer dan 60 watt heb je een 5A-kabel met e-marker nodig.
  • Controleer in de handleiding van je auto wat de 12V-aansluiting kan leveren.

Bronnen