Praktisch
Auto zelf wassen: stappenplan zonder krassen
Voorspoelen, twee emmers, een washandschoen en een zachte droogdoek: zo was je je auto zelf met zo min mogelijk krassen. Plus wat je gemeente zegt over thuis wassen.
Door Redactie JouwAutogadget · Gepubliceerd 20 oktober 2026
Foto: Avenir Visuals via Unsplash
Je auto zelf wassen is goedkoop en kan best ontspannend zijn. Maar wie het verkeerd aanpakt, wrijft zand en vuil over de lak. Het gevolg zijn fijne krasjes die je in fel zonlicht ziet als cirkels in de lak. In dit stappenplan lees je hoe je je auto wast met zo min mogelijk kans op krassen: van voorbereiden en voorspoelen tot de tweeëmmermethode en drogen. Ook lees je waar je op let als je thuis wilt wassen, want dat mag niet overal.
Eerst checken: mag je thuis je auto wassen?
Voordat je de emmers vult, is het goed om te weten of je op straat of op je oprit mag wassen. Dat is niet landelijk geregeld: volgens de ANWB beslist de gemeente erover. Een verbod staat vaak in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van je gemeente, maar niet elke gemeente vermeldt dat duidelijk op de website. Staat er niets, dan betekent dat nog niet automatisch dat het mag. Twijfel je, neem dan contact op met je gemeente.
Let op: volgens de ANWB telt wassen op je eigen oprit ook als wassen op straat. Geldt er een verbod, dan geldt het dus ook daar.
Waarom gemeenten hier regels voor hebben
Waswater bevat meer dan zeep. Er zit ook vuil van de auto zelf in, zoals remstof, rubberdeeltjes en olieresten. Dat water loopt weg via de put in de straat. In wijken met een gescheiden riool gaat dat regenwater niet naar de zuivering, maar komt het ongezuiverd in het grond- of oppervlaktewater terecht.
De gemeente Den Haag schrijft bijvoorbeeld dat schoonmaakmiddelen voor je auto invloed hebben op het riool en het oppervlaktewater. De gemeente raadt aan om je auto bij voorkeur in een wasstraat te laten wassen. Was je toch thuis, kies dan een mild en liefst biologisch afbreekbaar middel, gebruik emmers in plaats van een tuinslang en was je auto niet op de stoep. De ANWB raadt daarnaast af om bij het wassen op straat agressieve middelen zoals velgenreiniger te gebruiken.
Mag het bij jou niet, of wil je het milieu sparen? Dan zijn een wasstraat of een wasbox goede alternatieven. Volgens de ANWB moeten die aan strenge milieueisen voldoen en hebben ze een eigen afvoersysteem. In een wasbox kun je de meeste stappen hieronder ook toepassen.
Wat heb je nodig?
- twee emmers;
- eventueel een rooster voor op de bodem van de emmer, zodat zand onderin blijft liggen;
- een milde autoshampoo, liefst biologisch afbreekbaar;
- een washandschoen van microvezel, en liefst een tweede voor de vuilste onderkant;
- een aparte borstel voor de wielen;
- een tuinslang of hogedrukreiniger, als dat bij jou is toegestaan;
- een of twee zachte droogdoeken;
- glasreiniger en een schone microvezeldoek voor de ruiten.
In de categorie schoonmaken en detailing vind je spullen voor het wassen en verzorgen van je auto.
Stap 1: kies een goed moment
Was je auto bij voorkeur in de schaduw of op een bewolkte dag. Laat de auto na het wassen niet in de zon opdrogen: dat wordt afgeraden, omdat water en zeep dan snel opdrogen op de lak. Zet alle spullen klaar voordat je begint, zodat de auto tussendoor niet hoeft op te drogen.
Stap 2: voorspoelen
Spoel eerst zoveel mogelijk los vuil en zand van de auto met alleen water. Dat is de belangrijkste stap tegen krassen: alles wat je nu wegspoelt, kun je straks niet meer over de lak wrijven.
- Met een hogedrukreiniger: houd volgens de ANWB minstens 20 centimeter afstand tot de lak.
- Met een tuinslang: werk van boven naar beneden en neem de tijd voor de onderkant, de wielkasten en de bumpers.
- Insecten: schrob niet. Spuit een insectenverwijderaar op de droge auto, laat die inweken en spoel daarna af.
Met het juiste opzetstuk kun je de auto eerst inzepen met een schuimlaag. Dat is niet verplicht, maar het helpt om vuil los te weken voordat je de lak aanraakt.
Stap 3: wassen met twee emmers
De tweeëmmermethode is eenvoudig en voorkomt dat je vuil steeds opnieuw over de lak haalt.
- Vul de eerste emmer met schoon water. Dit is je spoelemmer.
- Vul de tweede emmer met water en autoshampoo. Dit is je sopemmer.
- Doop de washandschoen in het sop en was een klein deel van de auto, bijvoorbeeld het dak.
- Spoel de washandschoen daarna goed uit in de emmer met schoon water. Het vuil blijft dan in die emmer achter.
- Doop de schone washandschoen weer in het sop en ga verder met het volgende deel.
Een paar vuistregels:
- Gebruik een washandschoen, geen spons. In een spons kan zand blijven zitten, en daarmee kun je de lak beschadigen.
- Werk van boven naar beneden. Begin bij het dak en de ruiten en eindig bij de onderkant, waar het meeste vuil zit.
- Was in rechte lijnen. Ronddraaiende bewegingen zorgen voor cirkelvormige krasjes.
- Valt je washandschoen op de grond? Spoel hem dan heel grondig uit of pak een schone. Er kan zand of grind in zijn blijven hangen.
Stap 4: de wielen
Wielen zitten vol remstof en wegvuil. Gebruik daarom een aparte borstel en liefst apart spoelwater, zodat dat vuil niet in de emmers voor de lak terechtkomt. Was je op straat, gebruik dan geen agressieve velgenreiniger.
Vergeet ook de binnenkant van de velgen niet. Volgens de ANWB kan vastgekoekt vuil daar onbalans veroorzaken en minder grip geven.
Stap 5: naspoelen
Spoel de hele auto goed af met schoon water, weer van boven naar beneden. Kijk of er geen zeepresten achterblijven in kieren, rond de spiegels en bij de deurgrepen.
Stap 6: drogen
Droog de auto direct na het naspoelen met een zachte droogdoek. Zo'n doek neemt veel water op en is zacht voor de lak. Leg de doek op de lak en trek hem rustig naar je toe, in plaats van hard te wrijven. Gebruik een tweede doek als de eerste te nat wordt.
Laat de auto niet aan de lucht of in de zon opdrogen. Open na het drogen even de portieren, de achterklep en de tankklep, en droog de randen die je anders mist.
Stap 7: ruiten, spiegels en sensoren
Maak de ruiten als laatste schoon met een glasreiniger. De ANWB raadt aan om in de lengterichting te poetsen en daarna na te drogen met een aparte droge doek. Neem ook de camera's en sensoren van je auto mee. Hulpsystemen zoals parkeersensoren en camera's werken alleen goed als ze schoon zijn.
Wat je beter niet doet
- vastgekoekt vuil wegschuren in plaats van eerst laten inweken;
- een schuurspons of gewone spons gebruiken;
- in cirkels wassen;
- de washandschoen niet uitspoelen tussen de delen door;
- de auto in de volle zon laten opdrogen;
- thuis wassen zonder te weten wat je gemeente toestaat.
Na het wassen: beschermen
Is de auto schoon en droog, dan kun je de lak extra beschermen. Volgens de ANWB geeft poetsen extra glans en bescherming tegen vuil, weersinvloeden en wasstraatkrassen. Wil je ook de binnenkant aanpakken? Lees dan Auto-interieur schoonmaken: zo pak je het aan.
Kort samengevat
- Of je thuis mag wassen, bepaalt je gemeente. Kijk in de APV of vraag het na; ook je oprit telt mee.
- Spoel eerst al het losse vuil weg. Houd met een hogedrukreiniger minstens 20 centimeter afstand.
- Gebruik twee emmers en een washandschoen, en spoel de handschoen na elk deel uit.
- Werk van boven naar beneden en in rechte lijnen.
- Droog direct met een zachte droogdoek en laat de auto niet in de zon opdrogen.